10x voedselverspilling voorkomen. Beter voor milieu én je portemonnee

Een enigszins verschrompelde wortel die ietwat zielig overgebleven is in de groentelade. Een restje eten dat net te weinig is voor één persoon. Een verdwaalde halve citroen die ergens achter lag waardoor ik hem over het hoofd heb gezien. Ik beken, ook bij ons thuis lukt het niet altijd om verspilling te voorkomen. Begin maart startte de stichting Samen Tegen Voedselverspilling met de ‘Hoe #verspillingsvrij ben jij? campagne’.  Ik vind dat we thuis nog wel iets meer een steentje kunnen bijdragen.

Jaarlijks gooien we in Nederland per persoon gemiddeld 41 kilo voedsel weg dat nog te redden valt van de afvalbak. Zonde van het eten én van je geld. Maar wist je ook dat de invloed ervan op het milieu enorm is?

Voor de gemiddelde Nederlander is 1,6 hectare (2,5 voetbalveld) aan landbouwgrond nodig om voedsel te produceren, terwijl er op basis van het aantal wereldbewoners 0,9 hectare beschikbaar is. Als elke wereldbewoner een zelfde hoeveelheid grond als de Nederlander gebruikte, dan hadden we twee aardbollen nodig. Ook qua water voor de voedselproductie gebruiken wij Nederlanders veel meer dan er wereldwijd beschikbaar is. De milieubelasting van productie voor Nederlandse voedselconsumptie zou zonder verspilling 14% lager kunnen zijn.

Circulaire economie

Vorige week heb ik een bijeenkomst over duurzaamheid en de circulaire economie gevolgd. Die informatie kwam wel even binnen. Eén van de spreker, klimatoloog (en RTL weerman) Reinier van den Berg vertelde dat er van de 33 gletsjers in de Pyreneeën nog slechts drie (!) over zijn. Dat de ijskap op Groenland in de afgelopen 100 jaar zo veel gesmolten is dat we heel Europa onder een plak ijs van 1 centimeter dik kunnen bedekken. Zulke cijfers drukken me enorm met mijn neus op de feiten. Ik word er verdrietig van en maak me echt oprecht zorgen over de toekomst van mijn kind, van onze kinderen.

Wat doen we er thuis mee?

Ik zat dus nogal vol van dat congres en we hebben het er als gezin in het weekend veel over gehad. Samen hebben we besloten om deze week allemaal twee dingen te bedenken, die we bij ons thuis gaan invoeren en die samen te bespreken. Ik weet de twee punten die ik ga inbrengen al: minder voedsel verspillen en (nog) strikter ons afval scheiden. Ik heb inmiddels al de nodige research gedaan om mijn punten te onderbouwen en om te zetten in actiepunten. Het lijkt me leuk om je hierover mee te nemen de aankomende tijd. Ben ook heel benieuwd wat Dennis en Job gaan bedenken.

Deze eerste blog in de reeks duurzaamheid gaat dus over voedselverspilling. Of beter gezegd: het voorkomen van voedselverspilling.

Zo voorkom je voedselverspilling

1. Plan je maaltijden

Dit is -denk ik- de beste tip en daarom met stip op nummerrrrrrr… 1. Kijk wat je nog in je voorraadkast hebt liggen, wat er in je koelkast en diepvries zit en wat op moet. Kost het teveel tijd? Maak dan een foto. Schrijf op wat én hoeveel je nodig hebt en ga met dat lijstje naar de supermarkt. Het bespaart je geld, tijd omdat je (zoals hier altijd gebeurde) niet meer net voor het eten moet bedenken wat je gaat eten en je verspilt er minder voedsel mee. Wij plannen voor circa 4 dagen vooruit. Lastig om inspiratie te vinden? Dan is dit een gouden tip voor de weekplanning.

2. Bij THT gebruik je je zintuigen

Op verpakkingen moet verplicht staan tot wanneer iets houdbaar is. Er worden twee aanduidingen gehanteerd, namelijk THT (Tenminste Houdbaar TOT) en TGT (Te Gebruiken Tot).

De TGT datum wordt gebruik op producten die je maar kort kunt bewaren, zoals vlees, vis en voorgesneden groenten. Dit is de laatste datum waarop je het product nog veilig kunt gebruiken.

Op producten die niet snel bederven staat een THT-datum. Dat kan zowel op gekoeld (denk aan melk bijvoorbeeld) als ongekoelde producten (zoals bijvoorbeeld ongeopende jam) staan. Bij THT garandeert de fabrikant een smaakvol en veilig product. Na deze datum kan de kwaliteit (smaak, geur) van het product achteruit gaan. Wettelijk gezien mogen THT-producten ook nog verkocht worden. Alleen verschuift na die datum de verantwoordelijkheid naar de winkelier. En daarom gaan dergelijke producten dan de winkel uit.

Maar er zijn zoveel producten die na de THT-datum nog gewoon prima zijn. Gewoon je verstand en zintuigen gebruiken. Kijk, ruik en proef, dan weet je echt wel of een product nog goed is.

3. Zet je koelkast op 4 graden

Weet jij op welke temperatuur je koelkast staat ingesteld? Het blijkt dat de meest ideale temperatuur voor een koelkast 4 graden is, omdat bacteriën minder snel groeien. Heb je net zoals wij geen temperatuuraanduiding op je koelkast, dan kun je dit makkelijk meten met een koelkastthermometer. De thermometer kun je gratis krijgen bij het Voedingscentrum. Je betaalt alleen de verzendkosten van € 2,45. Maar ze zijn ook verkrijgbaar bij bijvoorbeeld kookwinkels. Je ziet het, mijn koelkast is nog iets te warm. Ik heb hem nu wat hoger gezet.

4. Deel je koelkast en diepvries overzichtelijk in.

Ja, duh. Zeg je misschien. Maar dat was hier nog wel een dingetje. Net zoals in de rest van mijn leven, was ook de koelkast vaak een chaos. En kwam ik dus regelmatig ‘vergeten’ dingen tegen als ik weer eens ging puinruimen. Inmiddels heeft alles een vast plekje. Werken we -dankzij de supermarktbijbaan in de tienerjaren van Dennis- met het FIFO principe. FIFO betekent: First In, First Out en betekent dus dat dingen die het eerst op moeten, voorin de koelkast liggen.

Sindsdien heb ik doorzichtige plastic en glazen bakjes (met deksel) die zowel in de koelkast als in de diepvries kunnen. Bij ons is het dus verboden dingen in aluminiumfolie te verpakken, want dan zie ik het niet en vergeet ik het dus. Restjes eten liggen op een vaste plank in de koelkast. Deze handige koelkastklem werd in februari weggegeven bij een lokale supermarkt. Maar ik viste helaas achter het net. Maar je kunt natuurlijk ook zelf een plek in de koelkast aanwijzen voor restjes.

5. Schrijf de datum van opening/invriezen/restjes op de verpakking

Er ligt in de bestekla bij ons standaard een rolletje scotch magic tape en een speciale diepvriesmarker. Ik schrijf de datum van bereiding op het plakbandje,  voor hoeveel personen het is en plak het stukje tape op de bakjes. En vervolgens gaan ze dus op een vaste plek in de koelkast of -als het niet binnen twee dagen wordt opgegeten- in de diepvries. Dit plakband is perfect te verwijderen, zonder irritante lijmresten. De marker is ook makkelijk voor plastic zakjes, maar het gebruik daarvan probeer ik te minimaliseren.

6. Weet waar je eten het beste bewaart

Welke groente horen in de koelkast en welke niet? Dat weet ik, omdat ik het ooit heb opgezocht. Wat ik niet wist, is dat je aardappels en uien niet naast elkaar moest bewaren. Omdat uien de vocht van aardappelen opnemen en daardoor beiden sneller rotten. Ook de indeling van de koelkast doe ik ‘verkeerd’ zag ik hier. Dat ga ik binnenkort dus eens omgooien.

LEES OOK: HANDIGE PRODUCTEN OM VOEDSELVERSPILLING TE VOORKOMEN

7. Kook precies genoeg
Meet hoeveelheden af en gok niet. Tijdens één van mijn afvalpogingen heb ik me aangeleerd om pasta en rijst altijd af te wegen. Ook Dennis werd daarin door mij gedrild en het grappige is dat het er helemaal in is gebleven. Er zijn richtlijnen voor de dagelijkse aanbevolen hoeveelheden, maar volgens mij moet je vooral doen wat voor jou handig is. Gebruik de weegschaal, een vast kopje om rijst en dergelijke af te wegen of gebruik het Eetmaatje.
Wil je toch extra koken? Kook dan zoveel extra dat er één of een aantal porties overblijven. Die kun je ook gebruiken voor kliekjesdag.
8. Kliekjesdag
Kliekjesdag wordt door iedereen anders ingevuld. De één heeft het bij kliekjesdag over een gerecht dat gemaakt is met restjes groente, vlees of rijst. Die gebruiken wij meestal voor wraps, wokken, hartige taart of soep (zie #9). Bij ons is kliekjesdag echt een dag waarop restjes van een gekookte maaltijd wordt gegeten.
Dit betreft die bakjes met datum in de koelkast of in de vriezer (uit #5). Kliekjesdag is hier vaak gepland en soms spontaan. Vaak gepland op een dinsdag, omdat ik dan regelmatig niet thuis eet. Makkelijk voor Dennis en Job. We kiezen dan vaak gewoon waar we zin in hebben.
9. Wraps, wokken, hartige taart & soep
Tip om altijd in huis te hebben: wraps, plakjes bladerdeeg en bouillonblokjes (of de bouillontip bij #10)! Deze vier ingrediënten zorgen ervoor dat je altijd makkelijk een maaltijd op tafel kan zetten.
Hartige taart:
Warm de oven voor op 200 graden. Laat de bladerdeeg ontdooien. Vet een taartvorm in met boter en bedek met bladerdeeg. Prik met een vork gaatjes in de bodem en strooi een dun laagje paneermeel op het bladerdeeg. Bak in een koekenpan de (restjes) groente kort aan. Eventueel kun je ook gehakt, kipfilet of restjes vlees toevoegen, maar vega is ook lekker. Doe het mengsel in de beklede taartvorm. Kluts in een schaal 3 eieren met wat crème fraîche, Hüttenkäse of Griekse yoghurt (wat je maar in huis hebt) en breng op smaak met wat zout, peper of andere kruiden. Schenk dit in de gevulde taartvorm. Doe er eventueel nog wat geraspte kaas over. Zet de taartvorm op een bakplaat en bak in 30 minuten gaar.
Deze restjes belanden -samen met een ‘nieuwe’ courgette afgelopen week in de hartige taart.
Soep:
Fruit een uitje in de pan, bak kort de gesneden groente. Voeg een liter water en een bouillonblokje toe en laat opstaan totdat de groente gaar zijn. Voor een fijne soep doe je deze in je foodprocessor of gebruik je de staafmixer. En voor een wat grovere soep, laat je het zo. Restjes gekookte rijst, pasta of aardappelen voeg je op het laatst toe. Hetzelfde geldt voor restjes vlees of kip.
Wokken of wraps:
Valt voor mij in dezelfde categorie, want de basis is bij beide de gewokte groente/vlees. 😉 De één eten we met rijst of mie, de ander met (volkoren) wraps. Wraps hebben een vrij lange THT-datum en zijn hier echt nog nooit over de datum gegaan. Ik vind het echt een ideaal gerecht voor bijvoorbeeld de sportavonden. Snel, makkelijk, voedzaam en lekker!  Wraps kun je langer bewaren in de diepvries.
10. IJsblokjeshouders
Ideaal om bouillon in te bewaren. Maar ook voor wanneer je bijvoorbeeld in een recept eens niet een grote hoeveelheid nodig hebt. Eén keer even afmeten hoeveel ml het is en je kunt het makkelijk toevoegen. Ook handig voor citroenen die je over hebt. Pers ze uit, en doe het sap in de ijsblokjeshouder. Handig voor recepten waar je citroensap voor nodig hebt. En in de zomer lekker verfrissend in je water! Ook gepureerd fruit of groente bewaar je zo makkelijk. Lekker voor in de smoothie.
Je hebt van die standaard, herbruikbare ijsblokjeshouders (wel handig met vaste tussenschotjes) of de plastic varianten. Ik gebruik ze eigenlijk beiden. Misschien in kader van duurzaamheid toch maar eens over gaan op herbruikbare.

Overigens hoef je echt niet 10 van die houders te kopen. Zijn de blokjes bevroren, dan doe je ze heel makkelijk in een ziplockzakje. Zet wel even de datum erop, zodat je weet wanneer je ze hebt ingevroren.

Heb jij nog handige tips die voedselverspilling voorkomen? Deel ze met me op Facebook. Ik zal ze delen in een volgend artikel over #voedselverspilling.

LEES HIER DE TIPS VAN ONZE LEZERS VIA EEN OPROEP OP INSTAGRAM

Dit artikel is tot stand gekomen i.s.m. het Voedingscentrum, maar volledig door mij geschreven.

Comments are closed.

Posted in: Opvoeden, Food
Nicole Gorseling

Auteur:

Nicole is eigenaar van MoodKids, getrouwd met Dennis en moeder van zoon Job (2008). Na een korte carrière als juf en bij verschillende uitgeverijen te hebben gewerkt, focust ze zich nu volledig op MoodKids.

Simple Share Buttons