By 14 augustus 2015 Read More →

ADHD; stoornis of karakter?

ADHD of ADD (ontwikkelings/informatieverwerkingsstoornis); bijna iedereen kent wel iemand die dit heeft. AD(H)D is niet te genezen, dat heb je; maar bijkomende problemen, zoals concentratieproblemen of dwangstoornis kunnen soms wel met medicijnen of therapie behandeld worden. Soms met succes, soms niet. Gaat het hier wel om een stoornis of hebben we te maken met sociaal afwijkend gedrag en/of unieke karaktertrekken? Kan het zijn dat in het huidige leven, vol met allerlei kaderzettingen, criteria, protocollen, richtlijnen, labels, normen en waarden er soms ‘’overgediagnosticeerd’’ wordt?

ADHD karakter of stoornis

De term AD(H)D kwam pas in 1980 op de ‘’markt’’, omschreven met signalen en criteria in het internationale classificatiestysteem (DSM) van de geestelijke gezondheidszorg. In de jaren daarvoor werd gezegd dat drukke, impulsieve kinderen met een concentratieprobleem een hersenbeschadiging (MBD) hadden. Het gaat hier om een term en stoornis die uitvoerig is onderzocht, ontwikkeld en her/benoemd door deskundigen. Maar wie waren die deskundigen dan? En welke referentiekaders werden gebruikt om signalen en criteria vast te stellen?

Met de kwalificatie in dit classificatiesysteem kon gediagnosticeerd en (medisch) behandeld worden. Ouders, school, omgeving, medische wereld, farmaceutische industrie en zorgverzekeraars spelen, niet altijd bewust, bedoeld en gewild, een rol bij de keuze voor onderzoek en diagnose. Want wie hebben, buiten het kind, er allemaal belang bij een diagnose? Spelen economische redenen ook een rol, zoals wel vaker in de gezondheidszorg (helaas) gebeurt?

Diagnose ADHD

Drie van onze vier kinderen zijn gediagnosticeerd met AD(H)D. Onze kinderen hadden zelf nauwelijks last van hun gedrag, maar wel van de gevolgen van hun gedrag. Afwijzingen en afkeuringen op school van leerkrachten over hun gedrag, leidden tot faalangst en zorgen in hun hoofd. Ons als ouders werd duidelijk gemaakt, dat met de diagnose op zak, er rekening zou worden gehouden met de uniekheid van onze kinderen. Zonder diagnose werden ze afgerekend op hun unieke gedrag. Bizar, maar waar. Kortom wij dachten toen, dat een diagnose in het belang van onze kinderen was, ook al was er bij ons wel twijfel of onze kinderen echt een stoornis hadden.

Hetzelfde gold voor medicatie ter bevordering van de concentratie. We probeerden het, maar de bijwerkingen waren vreselijk; het middel was erger dan de kwaal, dus stopten wij hiermee. Bovendien vonden wij, dat onze kinderen beter zo vroeg mogelijk moesten leren te accepteren wie zij waren. Wat ons betreft; prima zoals zij waren en zijn. Zo zouden zij hun sterke kanten, kwaliteiten én hun valkuilen leren kennen. Medicatie, ook al helpt het sommige kinderen zeker en kan het nodig zijn om (enige) schoolprestaties te behalen, bezien wij vooral als een symptomatische bestrijding. Want als je de medicatie voor AD(H)D-symptomen stopt, komen de ‘’klachten’’ weer terug.

Door de ervaring met onze kinderen en mijn praktijkervaring ben ik nogal eigenwijs geworden wat betreft AD(H)D. Het voelt voor mij, mijn man en onze kinderen beter om ‘’AD(H)D-trekjes’’ als een uniek karakter te zien. Waarbij aanleg, familietrekjes, opvoeding, gezin van herkomst, omgeving, situaties en prikkelgevoeligheid mede een bijdrage kunnen leveren tot het ontstaan, in stand houden of verergeren van bepaalde (soms onhandige, ongewenste) gedragingen. Maar dat zelfde karakter en diezelfde factoren zorgen o.a. ook voor veel energie, creativiteit, groot inlevingsvermogen, rechtvaardigheidsgevoel, enthousiasme, flexibiliteit, fantasie, oplossingsgerichtheid en plezier. We kennen ze allemaal wel, creatieve, artistieke breinen die de wereld opleuken, zoals Jochem Myjer en Lenette van Dongen.

Mijn man en ik herkennen ons zelf in onze kinderen; de appel valt niet ver van de boom. Wij kregen vroeger geen diagnose, want de stoornis AD(H)D bestond nog niet. Terugkijkend op onze jeugd, hebben wij ons niet belemmerd of beschadigd gevoeld in ons dagelijkse leven op school en leiden wij een gelukkig leven, ondanks onze ‘’ADHD-symptomen’’. Ik realiseer mij dat er ook leeftijdsgenoten met dezelfde symptomen waren, die wel veel last daarvan hebben gehad, vroeger en nog. En misschien dat die wel baat zouden hebben gehad bij een diagnose en behandeling. Of was herkenning, erkenning voor moeite met bepaald gedrag en gerichte ondersteuning zonder (ver)oordelen dan voldoende geweest, om wel gelukkig te kunnen functioneren, toen en nu?

Is het nodig om zo snel, zo vaak en zo veel kinderen te labelen met de stoornis ADHD? Waarbij ik in twijfel trek of het hier nu altijd om een stoornis gaat of soms een combi van karakter, prikkelgevoeligheid, aanleg en aangeleerd gedrag is. Is het nodig om zo vaak medicatie ter bevordering van concentratie voor te schrijven? Zou buiten herkenning en erkenning van moeite met bepaalde gedragingen, structuur, wat regels invoeren, tijdig zorgen voor rust en ontspanning en vermindering van prikkels ook soms kunnen helpen de concentratie toe te laten nemen? Het huidige leven is druk, druk, druk.

Voor alle duidelijkheid en om alle discussies voor te zijn; ik begrijp en respecteer ouders die blij zijn, zich gehoord en gesteund voelen met de diagnose AD(H)D bij hun kind en een (medische) behandeling. Zeker als kind en ouders (en omgeving) soms jarenlang hebben geleden of lijden, last hebben en belemmerd worden in hun dagelijkse leven. Rust bij ouders en kind, ook als dit is met behulp van medicatie, is zeker ook in het belang van het kind. Vaak genoeg heb ik ouders en kinderen doorverwezen in mijn praktijk. Tegenwoordig doe ik dit steeds minder en focus mij meer op uitleg, erkenning en gerichte ondersteuning wat betreft structuur binnen opvoeding.

ADHD, ook wel omschreven als “Alle Dagen Heel Druk”; een stoornis of sociaal afwijkend gedrag of karakter, aanleg, prikkelgevoeligheid, aangeleerd gedrag, druk vanuit de omgeving of een combi…ik weet het niet meer, jullie?

[ssba]

Comments are closed.

Posted in: Opvoeden

Auteur:

Hadassa Voet is integratief kindertherapeut en moeder van vier volwassen kinderen (3 dochters, 1 zoon) en sinds 2012 trotse (oppas)oma van een kleindochter en kleinzoon. Lees meer >>