By 29 mei 2015 Read More →

Iedereen kan opvoeden, echt waar!

Bij de opvoeding van mijn vier koters, kreeg ik gevraagd maar meestal ongevraagd vele adviezen. Wat wél te doen en wat te laten. Hoofdschuddend en meewarig keken anderen toe hoe ik opvoedde. En ik liet hen. Ik vertrouwde op mijn eigen kindervaringen, mijn normen en waarden. Mijn hart, hoofd en buik.

Nu moet je weten dat ik als opgroeiend kind, oudste nota bene, volgens mijn ouders een verschrikking was. Vanaf dat ik kon lopen, was ik continue op ontdekkingstocht. Ik probeerde te vliegen vanaf het balkon, sloot mijn moeder regelmatig buiten, probeerde het glas van de salontafel te eten en daar bleef het niet bij. Hierdoor besloten mijn ouders dat ze mijn welzijn moesten bewaken. Begrijpelijk. Het resultaat was dat mij, en dat lag ook aan de tand des tijds, snel veel verboden werd uit oogpunt van angst voor mijn veiligheid.

Vijf keer gips
Ik was echter niet voor één gat te vangen en wist toch alles te ontdekken wat ik wilde. De gevolgen bleven niet uit. Ik verloor mijn melktanden voortijdig, heb een keer of vijf in het gips gezeten en had driemaal een flinke hersenschudding gedurende de lagere schooltijd. Eenmaal op het gymnasium, dachten mijn ouders dat ik mijn lesje wel had geleerd. Niets was minder waar; ik spijbelde zo veel dat ik, ondanks goede resultaten, van school werd gestuurd. Niet echt studiementaliteit zeg maar.

Het waren de zeventiger jaren. Ik werd punk, kalkte mezelf onder met zware make-up, verfde mijn haren alle kleuren van de regenboog, blowde stiekem en liep ook wel eens weg van huis. Dit alles tot wanhoop van mijn ouders. Hun strenge, beschermende opvoeding leek niet het gewenste resultaat te krijgen. Rond mijn twintigste, na zitten blijven en ander school, ging ik uiteindelijk met VWO-diploma op zak, in het buitenland studeren en presteerde het ook daar, om na drie maanden weggestuurd te worden. Ik had het zo gehad met alle regels.

>> LEES OOK: Waarom je kind niet luistert naar NEE

‘Straffen en belonen? Nee!’
Terug in Amsterdam, tijdens een vervolgopleiding, ontmoette ik mijn man. Wij gingen snel samenwonen (weer deed ik niet wat mijn ouders voor ogen hadden), trouwden en binnen zes jaar kregen wij vier prachtige gezonde kinderen. Mijn ouders waren gelukkig, het was toch goed gekomen. Ik zag echt wel dat zij in hun vuistje lachten. Nu zou ik het vast terugbetaald krijgen, dachten ze…

In de opvoeding besloot ik, zoals zovelen, om het anders te doen dan mijn ouders. De onvoorwaardelijke liefde en steun die ik had gevoeld, ja, die zou ik natuurlijk ook geven, maar verder geen overdreven strenge (huis)regels en ontdekken mocht. Graag zelfs. Er gold één afspraak; alles kon worden uitgeprobeerd, mits er vooraf eerlijk over werd gesproken zodat ik uitleg kon geven. Straffen en belonen, daar was ik niet zo van. Nog steeds niet; niet als mama, niet als oma en niet als kindertherapeut. Ik hoor ze nog lachen, onze vrienden, mijn familie en mijn ouders, ik zou het wel merken.

Tot ieders verbazing verliep de opvoeding best smooth. Mijn kinderen bleken sociaal te zijn, te luisteren en doorliepen basisschool en middelbare school zonder problemen. Natuurlijk was het niet allemaal koek en ei en gebeurde er echt wel het nodige. Binnenshuis en soms ook buitenshuis werd er soms flink gegild maar ook veel gelachen. Maar niemand bleef zitten of werd van school gestuurd. ‘Wellicht overheersen de genen van haar man’ werd er gedacht en gezegd. En ik liet het maar. Want wie weet was dat ook wel zo.
Wat die afspraak betreft, daar hielden onze kinderen zich aan. Wat voorbeelden? Mijn oudste twee dochters belden ons op tijdens een Valentijnsdiner en vroegen of ze net als hun vriendinnen mochten blowen. Ze werden uitgelachen door hun vriendinnen omdat ze belden. Ik was juist trots op ze. Vond het prima en wenste ze veel plezier. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen, dat mijn man minder blij was met deze keuze. Oogpotloden en kaarten gestolen, het werd verteld. De consequenties (terugbrengen en sorry zeggen) werden manmoedig gedragen. Festivals, dronken worden, pilletjes nemen en al dat wat eng is (vinden mijn man en ik), werd aan ons gezegd; de vier kinderen hielden elkaar in de gaten en stelden ons gerust. Toch ging het ook wel eens mis, te dronken of stoned voor woorden, de gevolgen waren voor hen.

>> LEES OOK: Moederinstinct maakt iets in je los

Moraal van dit verhaal? Is mijn opvoeding aan mijn kinderen beter dan de opvoeding die ik zelf genoten had? Nou, het is uiteindelijk best goed gekomen met mij… ;). Ik heb met mijn ouders, broer, zussen en (klein)kinderen een hechte band. Een ouder voedt op uit liefde, overtuiging en op hun eigen manier. Een ouder handelt naar beste weten en kunnen. Wat vertrouwen in jezelf en in je kind(eren) en dan komt het wel goed. Iedereen kan opvoeden, écht waar!

Comments are closed.

Posted in: Opvoeden

Auteur:

Hadassa Voet is integratief kindertherapeut en moeder van vier volwassen kinderen (3 dochters, 1 zoon) en sinds 2012 trotse (oppas)oma van een kleindochter en kleinzoon. Lees meer >>

Simple Share Buttons